Close Menu
Meer dan een voetbalclub

Pancratius zet vol in op de basisteams

3 mei 2021
Vlnr: Werner Leermakers (jeugdvoorzitter Pancratius), Bert Rijmers (hoofd jeugdopleidingen) en Bart Jongeneeelen (technisch coördinator onderbouw)(

Met het beleidsplan ’Het begint bij de basis’ zet Pancratius een belangrijke in de ontwikkeling van de basissport. 'Een investering', zegt jeugdvoorzitter Werner Leermakers (links), 'maar het is een kwaliteitsimpuls waar we heel lang plezier van gaan hebben. We leiden op voor de veteranen!’

Bert Rijmers (midden) startte vorig jaar als Hoofd Jeugdopleidingen bij Pancratius. In die functie is hij verantwoordelijk voor het technische beleid van alle jeugdelftallen van de club. Bert (65) is glashelder over zijn ambities bij Pancratius. 'Ik wil alle jonge spelers die zich melden bij de club uit Badhoevedorp, de beste jeugdopleiding van de regio Amsterdam bieden.' 

Gat tussen selectie- en basiselftallen niet te groot laten worden

In het plan ‘Het begint bij de basis’, waarvoor Bert ook verantwoordelijk is, staat echter een veel betere begeleiding van de zogenoemde basiselftallen centraal. ‘Er is bij Pancratius al veel aandacht voor de beste spelertjes die in de selectieteams terecht komen. En daar gaan we zeker gewoon mee door’, stelt hij ouders en kinderen gerust. ‘We willen een club zijn die door veel aandacht voor de grootste talentjes, het algemene voetbalniveau van de club verder omhoog brengt. Maar samen met Werner Leermakers, die als bestuurslid verantwoordelijk is voor de jeugdafdeling, kwamen we tot de conclusie dat we het gat tussen de selectiespelers en de rest niet te groot willen laten worden.’

Opleiden voor de veteranen

Werner (46) is ervan overtuigd dat Pancratius die kloof met het nieuwe plan gaat dichten. 'Maar het is vooral ook een plan om alle voetballende leden “erbij te houden”. We zien ze niet alleen graag doorstromen naar selectieeleftallen, maar ook naar de oudere jeugdelftallen en daarna naar de senioren en uiteindelijk de veteranen. Vandaar dat we in het plan met een knipoog, maar wel een serieuze, zeggen dat we uiteindelijk opleiden voor de veteranen.’

Wat behelst het nieuwe jeugdplan?

Bart Jongeneelen (42, technisch coördinator onderbouw), rechts op de foto, en Dennis Croese (44, technisch coördinator selectieteams) waren nauw betrokken bij het opstellen van het plan. ‘Bij de selectieteams heeft Pancratius het goed voor elkaar, geven zij aan. Maar 80 % van die jongetjes die hier op zaterdag en de doordeweekse trainingsmiddagen bijna van het veld afvallen - want we zijn zeer populair tot in de wijde omgeving - zit in de basisteams. Met dit plan willen we een inhaalslag maken.’ 
Kern van het plan is het naar een hoger niveau brengen van de trainingen en de organisatie eromheen. ‘Daarvoor zijn we een strategisch partnerschap aangegaan met JR Academy, de voetbalschool van Justin Ruiter’, vertelt Jongeneelen. ‘Justin is natuurlijk een bekende Pancratiaan (een BPér). Een echte clubman die al sinds zijn jongste jeugd bij de club speelt en nu ook nog op het hoogste niveau in het eerste elftal acteert. En als docent lichamelijke opvoeding is hij didactisch erg sterk. Met zijn Academy die hij startte in 2016 heeft hij daarnaast de kwaliteiten ontwikkeld om jonge trainers en stagiairs die voor hem werken aan te sturen, zodat het niveau van de trainingen die onder zijn algemene leiding worden gegeven hoog is.’

Verantwoordelijkheid ligt bij de club

Bert is heel blij dat Pancratius gaat samenwerken met JR Academy, maar benadrukt dat het niet zo is dat Justin het hier overneemt. We gaan een zakelijke verbinding aan met JR Academy en maken daarbij nadrukkelijk gebruik van zijn expertise en ervaring. Maar de verantwoordelijkheid, aansturing en uitvoering van het hele plan ligt bij mij.’ Bert legt uit dat er een getrapte organisatiestructuur is. Ik zet de grote lijnen uit en stuur Justin aan die verantwoording moet afleggen aan mij. Justin op zijn beurt gaat aan de slag met zijn eigen ervaren trainers, de al aanwezige ervaren trainers vanuit de vereniging, aangevuld met jongens en meisjes tussen de 13 en 18 uit de oudere jeugd van Pancratius die jeugdtrainer willen worden.’

Hoe maak je een speler uit een basisteam beter?

Bart Jongeneelen pakt een stuk papier erbij om uit te leggen hoe de trainingen er vanaf komend seizoen uit gaan zien. Hij tekent een voetbalveld met op elke helft van het veld vier groepjes. ‘Die staan onder leiding van een ervaren hoofdtrainer. De andere trainers begeleiden de specifieke voetbaloefening. Die trainers blijven ook de hele training op die specifieke oefening. Zo kunnen zij zich de oefening heel goed eigen maken en de spelertjes optimaal begeleiden. Het zijn de spelertjes die rouleren langs de vier oefeningen. Na een uur hebben ze elke oefening een kwartier gedaan.’

De hoofdtrainer begeleidt de trainers bij de verschillende oefeningen en stuurt bij waar nodig. ‘Groot voordeel van deze opzet’, legt Bert uit, ‘is dat die trainer de trainingsvormen er helemaal in kan slijpen bij de jongens, want voetbal is een sport van uren maken. Door variaties in de moeilijkheidsgraad kan hij de oefening aanpassen aan het niveau van het groepje. Zo maakt hij het leuk voor de spelertjes, maar kan hij zelf ook veel voldoening halen als hij ziet dat het werkt. Daarbij worden zij heel goed begeleid door de hoofdtrainer, vaak Justin of één van de andere ervaren trainers die bij JR Academy werken of stage lopen.’

Intensieve begeleiding

Het grootste voordeel van deze getrapte structuur is dat de spelertjes heel intensief en serieus worden begeleid. Er is veel aandacht van de trainer en ze krijgen, ondanks dat ze niet in een selectieteam zitten, de kans zich te ontwikkelen en dat wordt dan ook gezien door de trainers.’ Bart: ‘Dat is echt een grote plus van dit plan, want sommige jongetjes ontwikkelen zich op iets latere leeftijd en blijken dan alsnog door te kunnen stromen naar een selectieteam. En voor de jonge trainers is het een geweldige ervaring om soms al op 14- of 15-jarige leeftijd serieus bezig te zijn met het beter maken van die jonge gastjes. Dat is ook de grote verbetering ten opzichte van hoe we voorheen trainden. ‘Daarnaast’, vult Bert aan, ‘gaan we onze trainers ook een interne opleiding aanbieden, zodat zij zich ook op voetbaltechnisch en pedagogisch vlak ontwikkelen. Je moet de trainers die graag willen namelijk ook de gereedschappen aanreiken om zich te kunnen ontwikkelen, want binnen de vereniging is een enorme schat aan ervaring en kennis aanwezig op dat gebied.’

Een serieuze voetbaltraining kan ook leuk zijn

Bert vindt de aanpak niet te serieus? ‘Het is een misverstand om te denken dat een serieuze voetbaltraining niet óók leuk kan zijn. Juist wel! Ik weet ook zeker dat de ouders deze nieuwe opzet zullen beoordelen als een kwaliteitsinjectie. Er is aandacht voor hun kinderen. Die zullen moe, maar voldaan van het veld afstappen en enthousiast thuiskomen.’ Werner: ‘Want dat vinden wij als clubbestuur het allerbelangrijkste. Alle leden op alle niveaus moeten blij zijn om bij Pancratius te mogen voetballen, en dat begint bij de jongste jeugd.’

Niet gratis

De uitvoering van het plan is al rond voor het seizoen ’21-’22, maar jeugdvoorzitter Werner Leermakers realiseert zich dat het wel extra aandacht vraagt in de vorm van het continu interesseren van jongens en meiden van onze eigen club die trainer willen worden. ‘Die jonge trainers krijgen daarvoor een vergoeding, vergelijkbaar met wat ze bijvoorbeeld in een supermarkt kunnen verdienen. En de inzet van JR Academy is natuurlijk ook niet gratis. Het is dus wel een investering die we moeten doen. Maar het is wel de stap die wij als club heel bewust willen zetten om van onderaf de aanwezige kwaliteit binnen de club nog meer te ondersteunen.’

Meer dan een voetbalclub

Het is nadrukkelijk niet alleen een voetbalkwaliteitsinjectie die Werner de club wil geven met de invoering van het plan. Aandacht voor de jongens en meisjes die net buiten de selectieteams vallen noemt hij belangrijk om nog veel meer redenen. ‘Ten eerste omdat zij net zo goed contributie betalen. Zij verdienen het dus dat wij als club ook aandacht aan hen besteden. Daarnaast willen we uitstralen dat we als club inderdaad, zoals in onze pay-off staat, “meer dan een voetbalclub” zijn. We zijn ook een club waar je op een geweldig leuke manier je vrije tijd kunt doorbrengen als jongen of meisje. Als voetballer, maar dus ook als trainer of bijvoorbeeld scheidsrechter. We willen dat de club bij de jongste jeugd, maar ook bij hun ouders, een onvergetelijke indruk achterlaat. Het mooiste is dat ze verbonden blijven aan de club, omdat ze hebben meegemaakt wat voor een geweldige club Pancratius is.’

Vind je dat niet een beetje té pretentieus?

‘Nee, zeker niet’, reageert Werner. ‘Als amateurvoetbalclub vervul je een sociale functie. Je hebt daarvoor wel kader en vrijwilligers nodig die de club laten draaien zoals die draait. Die vind je alleen als je een clubgevoel creëert. De jongste jeugd die in dit beleidsplan centraal staat speelt óf later in ons eerste, óf in een vriendenelftal en ja - zoals ik al zei – het liefst uiteindelijk in onze veteranenelftallen. Maar in die hele lange fase van 7 – 70 jaar zijn zij dus ook de poule waaruit we onze vrijwilligers en het kader van de toekomst rekruteren. Er lopen hier heel veel mensen rond die al in hun jeugd zijn gestopt met voetballen, maar daarna altijd zijn gebleven. Als commissielid, hoofdleider, trainer, scheidsrechter of elftalbegeleider. Maar ook als barpersoneel, lijnentrekker, schoonmaker of als uitvoerder van kleine reparaties. In het Bestuur zitten mensen die als klein jongetje zijn begonnen op het veld. Het mag pretentieus klinken om het nieuwe jeugdbeleidsplan ‘Het begint bij de basis’ te presenteren als een plan waar we over 40 jaar nog de vruchten van hopen te plukken, maar als al die kaderleden en vrijwilligers het 40 jaar geleden niet zo naar hun zin hadden gehad, dan waren zij niet bij de club gebleven. Als bestuur ondersteunen wij dit uitstekende plan dan ook van harte om straks – als wij er zelf waarschijnlijk al lang niet meer zijn – de jeugdspelers bij de veteranen te zien voetballen.’